Direct naar content

Column: de villa

Over natte haren, autorijden en ‘dat kan ik heel goed zelf’

Ik moet een aantal keren op de deur kloppen maar dan hoor ik toch wat geschuifel. Verward opent ze de deur. Ze is nog in haar pyjama en kijkt me verschrikt aan. Ik kan haar nog net opvangen en sla mijn armen om haar heen. Van de verzorging had ik al gehoord dat ze een paar keer bij haar geweest zijn, maar dat ze steeds weer in slaap valt. Ik schrik van de zwarte kringen rond haar ogen. Voorzichtig begeleid ik haar naar haar stoel. “Sorry kind,” zegt ze, “ik wil alleen nog maar slapen en het liefst niet meer wakker worden. Ik ben zo moe.” Ik zeg dat alles goed is. “Zullen we hier een kopje koffie drinken?” vraagt ze. “Dan bel ik of ze het boven willen brengen.” Ik zeg dat ik het wel ophaal maar dat wil ze per se niet. “Daarvoor hebben we personeel.” Maar, ze weet niet meer hoe ze moet bellen, dus ik ga toch zelf naar beneden om koffie en thee te halen. Als ik terugkom, is ze wat bijgekomen. Ik open de gordijnen en ga fijn bij haar zitten.

Ze wil niet geholpen worden met aankleden. “Dat kan ik heel goed zelf” zegt ze. Dus ga ik vast naar beneden en ga gezellig bij Meneer J2 zitten. “Dag lieverd” zegt hij blij. Hij vertelt over de filosofiecursus van morgen, over de gedichten die hij momenteel leest en over het bezoek aan het concertgebouw afgelopen weekend. “Dat maakt het leven nog een beetje leuk” zegt hij. “Maar je moet het wel zelf doen.” Mevrouw I. komt, in haar badjas,  boos binnen lopen. “Kan iemand mij vertellen waarom ik hier wakker word?”  Een verzorgster slaat liefdevol de armen om haar heen en gaat met haar naar boven. Meneer J2 schudt zijn hoofd. Een nieuwe, tijdelijke, bewoner loopt onrustig rond. Dan komt mam opgewekt en mooi aangekleed binnen. Ze is er weer. Samen gaan we in het knusse hoekje in de serre zitten. Op het terras rookt meneer M. een sigaretje. “Dat is zo’n leuke man” zegt ze. “Hij woont hier niet hoor. Hij heeft een groot huis in het bos en daar woont hij met zijn vriend. Wat mooi dat dat tegenwoordig allemaal kan.” Meneer M. komt weer binnen. “Was het lekker?” vraag ik. “Heerlijk” zegt hij met een grote glimlach.

Tijd voor de lunch. Een nieuwe bewoonster schuift aan. “Een nieuw gezicht”, zeg ik tegen haar. “Dat heb ik al 93 jaar” antwoordt ze adrem. We geven elkaar een hand. Mevrouw I. komt ook aanlopen. Haar haren zijn nat. “Heb je gedoucht?” vraag ik. Ze moppert: “Dit is de eerste keer dat ik geholpen ben met douchen. Wat een afgang. Ik kan dat heel goed zelf. Nu zit ik hier met natte haren. Ik had naar de kapper gewild. En waarom ben ik hier eigenlijk?” Ik leg voorzichtig uit dat ze misschien niet zo goed meer voor zichzelf kan zorgen. Onverwachts krijg ik daarbij hulp van de nieuwe bewoonster en van mam. Beiden zeggen dat zij het ook moeilijk vinden maar dat je je soms moet overgeven aan een nieuwe situatie. Dat het langzaam went. Maar daar is mevrouw I. het niet mee eens. Toch ben ik verrast door de wijze woorden van mijn moedertje.

De koninginnensoep wordt uitgedeeld. “Speciaal omdat jij er bent” zegt mevrouw J. tegen mij. Het is erg lekker. Opeens komt de tijdelijke bewoner bij onze tafel staan en vraagt aan meneer J. of hij een auto heeft. Meneer J. zegt, tot ieders verbazing, “ja”. “Dan moet jij mij straks naar mijn auto brengen, dan kan ik weer naar huis” zegt de tijdelijke bewoner. Meneer J. is in verlegenheid gebracht en aarzelt. “Dat kan niet” zegt hij vervolgens dapper. “Ik mag niet meer rijden”.  De nieuwe meneer gaat weer naar zijn eigen tafel. Iedereen haalt opgelucht adem.

Na de lunch moppert mevrouw I. nog over haar natte haren. Ze heeft geen föhn, die ligt thuis. Mam biedt aan haar föhn te halen en gaat naar boven. “Is dat jouw moeder?” vraagt mevrouw I. Ik knik. “Woont zij hier?”  Ik knik weer. “Jij ook?” Ik schud mijn hoofd. “Je moeder wil altijd alles van me weten” zegt mevrouw I. “Wie bij mij op bezoek komt en waar ik die van ken. Maar ik vertel niets. Dat is privé.” Ik zeg dat ze rustig dingen kan vertellen omdat mam toch alles vergeet. “Is ze dement?” vraagt mevrouw I. “Wat zielig.”  Er  komt een verzorgster aan om de natte haren in model te föhnen. “Ik was liever naar de kapper gegaan” zegt mevrouw I.  En dan komt mam binnenlopen met een gedeelte van haar föhn. De opzetborstel is ze vergeten. Zo ontroerend. Maar het probleem is al opgelost.

Over Marjan Spelbrink

Marjan Spelbrink is de dochter van één van de bewoners van Residentie Terborch. In haar vrije tijd schrijft ze columns over wat ze meemaakt tijdens haar bezoeken aan Residentie Terborch en over het leven van haar moeder daar. Een uniek kijkje in hoe het leven in een zorgvilla is.

Het laatste nieuws

Lees meer nieuwsberichten

Rondleiding aanvragen

"*" geeft vereiste velden aan

Naam*
Naam*
Voorkeur voor een dag
Wat is de reden voor de rondleiding?*

Heeft u interesse om te werken of een vrijwillige bijdrage te leveren op deze locatie? Neem dan een kijkje op onze werken bij website.

Uw gegevens worden verwerkt volgens onze privacyverklaring.

Belafspraak inplannen

"*" geeft vereiste velden aan

Voorkeur voor een dag
Geef hier aan welke dag uw voorkeur heeft om gebeld te worden. (meerdere keuzes mogelijk)
Voorkeur voor een dagdeel

Uw gegevens worden verwerkt volgens onze privacyverklaring.

Checklist downloaden

"*" geeft vereiste velden aan

Instemming

Uw gegevens worden verwerkt volgens onze privacyverklaring.

Stuur ons bericht

"*" geeft vereiste velden aan

Uw gegevens worden verwerkt volgens onze privacyverklaring.

Stuur ons bericht

"*" geeft vereiste velden aan

Uw gegevens worden verwerkt volgens onze privacyverklaring.